TV- en Online-Content

Oproep: 
TV and online content (MEDIA-2021-TVONLINE)
Deadline(s): 
25 augustus 2021 (17u00)

 

TV- & ONLINE CONTENT

Steun aan Europese onafhankelijke producenten voor de productie van films of series (fictie, animatie en creatieve documentaire) die bestemd zijn voor televisie- en online-uitzendingen.

Deze oproep bevat wijzigingen ten opzichte van de vorige oproep:  

  • Beperkingen met betrekking tot de  serie-seizoenen zijn opgeheven (ook voor documentaire en animatie).  
  • Lager minimum aantal omroepen om in aanmerking te komen: van 3 naar 2 omroepen  
  • Leger minimumpercentage bevestigde financiering om in aanmerking te komen: van 50% naar 40%  
  • Afschaffing van automatische punten in de toekenningscriteria, maar diversiteit in samenwerking en algehele kwaliteit worden sterker beoordeeld.  

 

INFOSESSIES

  • Webinar 2 juli 2021: Online Sessie: TV and Online Content: Pdf Powerpoint  - Download
  • Online infosessie 29 juni 2021: MEDIA-oproepen CONTENT (in Nederlands)
    • Toelichting Oproepen Co-Development, Mini-Slate Development en TV-Online
      • 00: 0’ 00”: Inleiding tot het Creative Europe 2021 programma 
      • 00: 13’ 50”: Co-development
      • 01: 06’ 00”`: Slate Development (+Mini-Slate)
      • 01: 46’ 26”: TV & Online Content

 

DOEL

  • Het doel is het vergroten van de capaciteit van audiovisuele producenten. Dit door sterke projecten te ontwikkelen en te produceren, die een aanzienlijke potentie hebben om in heel Europa en daarbuiten te circuleren. Ook het vergemakkelijken van Europese en internationale coproducties binnen de televisie- en online-sector behoort tot de doelstellingen.   
  • Deze subsidieregeling is erop gericht de onafhankelijkheid van producenten ten opzichte van omroepen en digitale platforms te versterken. Daarnaast is deze regeling ook voor het verbeteren van de samenwerking tussen deelnemers in de markt. Dit is inclusief: onafhankelijke producenten, omroepen, digitale platforms en sales agents. De deelnemers komen uit verschillende landen die deelnemen aan het MEDIA-luik, met als doel kwalitatief hoogwaardige programma's te produceren die gericht zijn op een brede internationale distributie en bij een breed publiek worden gepromoot, met inbegrip van commerciële exploitatie in de multi-platform omgeving. Bijzondere aandacht wordt besteed aan projecten die qua inhoud en financiering innoverende aspecten vertonen en een duidelijk verband tonen met de beoogde distributiestrategieën.   

 

VERWACHTE RESULTATEN

  • Het verhogen van de kwalitatieve Europese (co)producties voor lineaire en niet-lineaire omroepen, die ook bedoeld zijn voor digitale platforms. 
  • Het creëren van meer samenwerking tussen exploitanten uit verschillende landen die aan het subprogramma MEDIA deelnemen, inclusief omroepen.  
  • Het vergroten van het publiek voor Europese werken via lineaire en niet-lineaire uitzendingen, inclusief digitale platforms. 

 

WELKE WERKEN/ACTIVITEITEN KOMEN IN AANMERKING?

  • De subsidieregeling voor tv en online content steunt werken (dramafilm, animatie en documentaire) die bestemd zijn voor lineaire en niet-lineaire uitzendingen, waarbij het gaat om: 
    • Sterke samenwerkingen tussen exploitanten uit verschillende landen die deelnemen aan het subprogramma MEDIA, inclusief omroepen. 
    • Hoge toegevoegde creatieve/artistieke waarde en een breed grensoverschrijdend potentieel voor exploitatie, zodat een publiek op Europees en internationaal niveau bereikt wordt.  
    • Innovatieve aspecten in termen van inhoud en financiering, die een duidelijk verband laten zien met de beoogde distributiestrategieën.  

Speciale aandacht is er voor aanvragen die geschikte strategieën presenteren die zorgen voor een duurzamere en milieuvriendelijke industrie en die gendergelijkheid, inclusiviteit en diversiteit waarborgen.  

 

BUDGET

  • De financiële bijdrage voor de cofinanciering van een tv of online content productie is maximaal 15% van de totale kosten.
  • Voor creatieve documentaires is de financiële bijdrage maximaal 300.000 euro.  
  • Voor animatie is de financiële bijdrage maximaal 500.000 euro 
  • Voor dramaproducties is de financiële bijdrage: 
    • maximaal 500.000 euro als het subsidiabele productiebudget minder dan 10 miljoen euro bedraagt.  
    • maximaal 1 miljoen euro als het subsidiabele productiebudget tussen 10 miljoen en 20 miljoen euro ligt 
    • maximaal 2 miljoen euro als het subsidiabele productiebudget meer dan 20 miljoen euro bedraagt.   
  • In totaal is er een budget beschikbaar 17.611.312 euro.
  • Er worden in totaal ongeveer 60 initiatieven gesteund. 

 

TIJDLIJN

  • Deadline van indiening: woensdag 25 augustus 2021, 17u00
  • Evaluatieperiode: september 2021 – februari 2022 
  • Aanvragers geïnformeerd over uitslag: februari 2022 
  • Tekenen van contract: maart – mei 2022 
  • Startdatum actie: na het ondertekenen van het contract 
  • Duur van activiteit: 24 of 36 maanden als het een serie van meer dan 2 afleveringen is 

VEREISTEN AANVRAGERS

  • De aanvragers zijn onafhankelijke Europese audiovisuele productiebedrijven.   
  • De projectleider (de coördinator) moet de meerderheidsproducent van het project zijn in termen van rechten. In het geval van een 50%-50% coproductie, moet de projectleider door de partner als gedelegeerd producent worden aangewezen.   
     

VEREISTEN PROJECTEN

  • Alleen productieactiviteiten die bedoeld zijn voor televisie of online exploitatie komen in aanmerking. De volgende soort werken vallen hieronder: 
    • Fictie (one-off of serie) met een totale duur van minimaal 90 minuten.
    • Animatie (one-off of serie) met een totale duur van ten minste 24 minuten.  
    • Creatieve documentaire  (one-off of serie) met een totale duur van ten minste 50 minuten.  
  • De eerste dag van de hoofdopnamen (of de start van de animatie voor animatieprojecten) vindt plaats na de publicatiedatum van de subsidieoproep (3 juni).  
  • Het werk moet worden geproduceerd met aanzienlijke deelname van professionals die wonen in landen die deelnemen aan het subprogramma MEDIA.   
  • Aan het werk moeten ten minste twee omroeporganisaties uit twee MEDIA-landen verbonden zijn. Een 'omroepbedrijf' wordt beschouwd als een omroeporganisatie (aanbieder van lineaire audiovisuele mediadiensten) of on-demand audiovisuele mediadienst (aanbieder van niet-lineaire audiovisuele mediadiensten), zoals gedefinieerd in artikel 1, lid 1, van de richtlijn audiovisuele mediadiensten (DIR 2010/13/EU en DIR 2018/1808/EU tot wijziging van DIR 2010/13/EU). De betrokkenheid van de omroepen moet worden ondersteund door contracten of ondertekende bindende toezeggingsbrieven (LOC's), waarin de voorwaarden van hun financiële betrokkenheid,incl. de licentieprijs en de licentieperiode, worden gespecificeerd. Brieven waarin wordt toegezegd het werk eventueel te kopen zodra het is geproduceerd, worden niet beschouwd als bindende toezeggingsbrieven.   
  • De exploitatierechten, die in licentie zijn gegeven aan de omroeporganisaties die aan de productie deelnemen, moeten teruggegeven worden aan de producent na een maximale licentieperiode van: 
    • 7 jaar indien de deelneming van de omroeporganisatie plaatsvindt in de vorm van een voorverkoop. 
    • 10 jaar indien de deelneming van de omroeporganisatie ook de vorm heeft van een coproductie.  
  • Minimaal 40% van de financiering van het totale beoogde productiebudget moet worden gegarandeerd door financiering afkomstig van derden (hetzij door rechtstreekse financiering, hetzij door de verkoop van rechten vooraf). Financieringsbronnen van derden moeten worden aangetoond met recent ondertekende bindende brieven, waarin de titel van de actie, het exacte bedrag van de financiële bijdrage, de aard van de verkochte rechten en de licentieperiode worden vermeld. Bijdragen van omroepen, distributeurs, fondsen en investeerders in aandelenkapitaal worden beschouwd als financieringsbronnen van derden. Tax shelter kan alleen als financieringsbron van derden worden aanvaard, als dit wordt bevestigd door bewijsstukken van de bevoegde instanties. De eigen investering van de producent en de coproducent en de aangevraagde MEDIA-subsidie worden niet beschouwd als een financieringsbron van derden en tellen niet mee bij de berekening van het minimumpercentage van 40% van de financiering.   
  • Ten minste 50% van de totale geraamde financiering moet afkomstig zijn uit landen die deelnemen aan het MEDIA subprogramma. 
  • Indien de actie door verschillende producenten wordt gecoproduceerd, moet bij de aanvraag een coproductiecontract (of deal-memo) worden gevoegd waarin het aandeel in de financiering, het aandeel in de rechten, het aandeel in de kosten en het aandeel in de inkomsten worden vermeld. Eenvoudige brieven waarin de financiële bijdrage van een coproducent wordt vermeld zonder verdere details betreffende de coproductieovereenkomst, zullen niet in aanmerking worden genomen.     
     
  • De volgende projecten komen NIET in aanmerking: 
    • Reeds door Eurimages gefinancierde projecten
    • Producties die oorspronkelijk bedoeld waren als cinematografische werken (bijvoorbeeld waar meerdere theaterdistributeurs en/of een internationale sales agent betrokken zijn)
    • Andere soorten producties
      • Live-opnamen, tv-spelletjes, praatprogramma's, kookprogramma's, tijdschriften, tv-shows, reality-shows, educatieve programma's, lesprogramma's en "how to"-programma's
      • Documentaires ter bevordering van het toerisme, "making-of", reportages, dierenreportages, nieuwsprogramma's en "docu-soaps" 
      • Projecten met pornografisch of racistisch materiaal of waarin wordt gepleit voor geweld
      • Werken met een promotioneel karakter
      • Institutionele producties om een specifieke organisatie of haar activiteiten te promoten
      • Muziekvideo's en videoclips.

 

    Ingediende projecten worden beoordeeld door externe experts en geselecteerd op basis van de volgende criteria, waarbij in totaal 100 punten kunnen worden toegekend. De kwaliteitsdrempel is 70 van de 100 punten. 

    1. Relevantie (30 punten) 

    1a) De Europese dimensie van de financiering van het project (15 punten):   

    • Niveau van samenwerking tussen actoren uit verschillende landen.  
    • Percentage niet-nationale financiering. 
    • Strategieën van de producent en geleverde inspanningen om de bevestigde financiering te behalen.   
    • Originaliteit en innovatie van de financieringsstructuur.
    • Geografische en taalkundige diversiteit van de betrokken partners, ook rekening houdend met de marktomvang. 

    1b) Europese coproductie (5 punten):   
    - Bestaan van een Europese coproductie tussen twee productiebedrijven uit verschillende landen. 
    - Mate van samenwerking inzake creatieve aspecten.  
    - Samenwerking tussen landen van verschillende marktomvang, met inbegrip van een partner uit LCC Groep A of Groep B, en verdeling van de MEDIA-subsidie onder coproducenten.   

    1c) De adequaatheid van de strategieën die gepresenteerd worden voor het stimuleren van een duurzamere en milieubewuste industrie (5 punten).  

    1d) De adequaatheid van de strategieën die gepresenteerd worden voor het bevorderen van diversiteit, inclusiviteit, de mate van representatie en gendergelijkheid in ofwel de inhoud van het project ofwel het managen van de activiteit (5 punten). 
     

    2. Kwaliteit van de inhoud en activiteiten (35 punten) 

    2a) De artistieke kwaliteit van het project (15 punten):   

    • Innovatie, relevantie, originaliteit en algemene kwaliteit van het onderwerp/format/behandeling. 
    • Kwaliteit van de pitch/trailer. 
    • Voor het tweede en de daaropvolgende seizoenen van series: kwaliteit van de nieuwe ontwikkelingen in de verhalen en personages. 

    2b) De algemene kwaliteit en financiering van het project (5 punten):  

    • De haalbaarheid van het project. 
    • Het potentieel om een jong en "digital native" publiek (kinderen, tieners en jonge volwassenen) te bereiken.  
    • Het bevestigde publieksbereik via de betrokken omroepen.  

    2c) Het potentieel om een publiek op Europees en internationaal niveau te bereiken (15 punten):  

    • De transnationale aantrekkingskracht van het concept/onderwerp van het werk.  
    • De adequaatheid van het budget ten opzichte van het type project. 
    • De coherentie tussen de begroting en de financiering. 
       

    3. Verspreiding van de projectresultaten, effect en duurzaamheid (30 punten) 

    3a) De kwaliteit van de betrokkenheid van de distributeur (10 punten):  

    • De ervaring en trackrecord van de distributeur die bij soortgelijke projecten betrokken is.  
    • Financiële betrokkenheid en het risico dat de distributeur neemt (dat wil zeggen bedrag van MG).
    • Indien van toepassing en indien de productiemaatschappij als distributeur optreedt: ervaring en trackrecord van de producent als distributeur. 
    • De adequaatheid van het promotiebudget. 

    3b) De kwaliteit van de distributiestrategie (15 punten):  

    • De coherentie en relevantie van de distributiestrategie. 
    • De adequaatheid van de strategie in relatie tot de aard van het werk. 
    • De coherentie van de schattingen van de verkoop. 
    • Het aantal omroepen dat geïnteresseerd is in de aankoop van het werk.  

    3c) De kwaliteit van de promotie- en marketingstrategie (5 punten):  

    • De coherentie en relevantie van de promotie- en marketingstrategieën die zijn ontwikkeld om het project bij het publiek te promoten. 
    • Business-to-consumer (B2C) marketingstrategieën en innovatieve promotiestrategieën om het publiek te bereiken, inclusief strategieën voor promotie via internet en sociale media. 
       

    4. Kwaliteit van het projectteam (5 punten) 
    De verdeling van de rollen en verantwoordelijkheden van het productie- en creatief team. Dit is inclusief de adequaatheid van de samenwerking in verhouding tot de doelstellingen van het project. Voor animatieprojecten wordt de locatie van het animatiewerk beoordeeld om zo het gebruik van Europese studio's aan te moedigen.   

    Je dient alle Creative Europe-aanvragen rechtstreeks en online in via de FUNDING & TENDERS Portal van de Europese Commissie. Papieren aanvragen worden NIET aanvaard. 

    Bekijk de Webinar over het gebruik van de Funding & Tender Portal.

     

    AANVRAAG INDIENEN IN 2 STAPPEN

    1. Digitale identificaties van de indieners​Maak jouw EU-Login-gebruikersaccounts aan en registreer jouw organisatie.

    Om het indieningssysteem (de enige manier om een aanvraag in te dienen) te gebruiken, moet ieder betrokken partner in het aanvraagdossier (projectleider én deelnemende projectpartners) elk apart een EU-Login-gebruikersaccount aanmaken.  Via deze EU-login heb je toegang tot de vereiste kanalen om je aanvraag te ontwikkelen (partners zoeken), te schrijven en te redigeren en uiteindelijk in te dienen.

    Met deze EU-Login-account kan je jouw organisatie registreren in het Deelnemersregister (Participant Register, de online databank van de Europese Commissie).

    Eenmaal  de registratie voltooid, ontvang je voor je organisatie een 9- cijferige deelnemersidentificatiecode (PIC)

     

    2. Het indienen van de aanvraag

    Ga naar het Electronic Submission System via de themapagina SEARCH FUNDING & TENDERS

    Dien je aanvraag in 4 delen als volgt:

    1. Deel A vereist de administratieve informatie over de aanvragende organisaties (toekomstige coördinator, begunstigden, verbonden entiteiten en geassocieerde partners) en de samengevatte begroting voor het voorstel. Vul dit deel direct online in. 
    2. Deel B betreft de toelichting over het voorstel van actie/project en de inhoud ervan. Download het verplichte word-sjabloon van het indieningssysteem, vul het in en upload het als een PDF-bestand
    3. Deel C bevat aanvullende projectgegevens, die ook direct online worden ingevuld. 
    4. Bijlagen. Upload alle gevraagde bijlagen (Annexen) als PDF-bestand.

     

    TECHNISCHE & INHOUDELIJKE VEREISTEN

    • Voor alle inhoudelijke vereisten, lees het Call document (Engels).
    • De Online Handleiding bevat links naar FAQ's, details over de procedures en meer technische instructies.
    • De aanvraag moet de paginagrenzen respecteren; overtollige pagina’s worden niet gelezen en komen dus niet in aanmerking.  
    • Documenten dienen in de juiste categorie te worden geüpload. Zo niet, kan de aanvraag als onvolledig en bijgevolg onontvankelijk worden beschouwd. 
    • De aanvraag moet vóór de uiterste indieningsdatum (de gepubliceerde deadline) worden verzonden. Na deze termijn is het systeem gesloten en zijn de aanvragen niet meer gewettigd. 
    • Eenmaal de aanvraag is ingediend, ontvang je automatisch een e-mailbevestiging (met datum en tijdstip van je aanvraag). Indien die bevestiging per e-mail niet werd ontvangen (Check ook jouw ‘Ongewenste emailbox'), betekent dat je aanvraag NIET is toegekomen. Dien meteen een klacht in, wanneer je meent dat dit te wijten is aan een technische fout in het indieningssysteem via het contactformulier van de IT Helpdesk

     

    VRAGEN?

     

    Hulp nodig bij je subsieaanvraag?

    Frank Herman 200 pix

    Contacteer Frank Herman van MEDIA Desk Vlaanderen.

    Flemish Government Footer

    Close
    Verwijder filter